Wiskunde

Bij wiskunde denk je misschien aan rekenen. Maar wiskunde, het leukste vak dat je op onze school krijgt, is veel meer dan dat! In de wiskundelessen rekenen we met getallen, werken we met ruimtelijke figuren, tekenen we grafieken en maken tabellen. Wiskunde gaat dus over: afstanden, vormen, verhoudingen en perspectief. Naast het onderwerp ‘rekenen’ zijn er bijvoorbeeld ook de onderwerpen ‘meten’, ‘statistiek’ en ‘formules’. ‘Wis’ betekent zeker en ‘kunde’ wetenschap. Wiskunde is dus de wetenschap van het zeker weten!

Nuttig
“Wiskunde, waar heb je dat nou voor nodig?!” denk je misschien. Met al die ingewikkelde symbolen en formules lijkt wiskunde soms maar weinig met het dagelijkse leven te maken hebben. Maar dat is niet waar. Wist je dat je zelf elke dag met wiskunde te maken hebt? Bijvoorbeeld bij het zetten van de wekker met de goede tijd om op te staan, uitrekenen hoeveel tijd je nog hebt voordat je naar school moet, het maken van je aanmaaklimonade met de juiste verhouding siroop en water, de prijs uitrekenen die je moet betalen bij het winkelen als je korting krijgt, sportwedstrijden en puntentellingen bij games die je speelt.

Toepassen
Een verpleegster (juiste dosering medicijnen), een architect (schaaltekeningen), een technisch tekenaar (tekenen met de juiste hoeken), een laborant (werken juiste verhoudingen) en verder een diëtist, een gamedesigner, een ICT-er, een administratief medewerker, een kok en een ….., we gebruiken allemaal, en overal, wiskunde.