Sociale veiligheid op school
1.1 Hoofdregel
Regels die in alle groepen en voor alle medewerkers gelden.

Er zijn slechts drie simpele hoofdregels:
1. Iedereen maakt het de ander op school mogelijk om zich prettig en veilig te voelen.
2. Iedereen zorgt ervoor dat ook de ander het werk naar behoren kan doen.
3. Iedereen past goed op de spullen van de school, die van zichzelf en die van anderen.

1.2 Afspraken
1. Op school stellen mentoren het pesten regelmatig aan de orde: weerbaarheid en/of voorkomen en bestrijden van pesten zijn onderdeel van het lesprogramma op de school. Onderwerpen als veiligheid, omgaan met elkaar, rollen in een groep, aanpak van ruzies etc. komen aan de orde, onder meer in de mentorlessen. Andere werkvormen zijn naar keuze. We noemen:
a. spreekbeurten, rollenspellen en groepsopdrachten.
b. In een aantal groepen worden regels afgesproken over omgaan met elkaar en ontstaat er een soort “eigen pestprotocol”;
2. Het voorbeeld van de leerkrachten (én thuis de ouders) is van groot belang. Er zal minder gepest worden in een klimaat waar duidelijkheid heerst over de omgang met elkaar, waar verschillen worden aanvaard en waar ruzies niet met geweld worden “opgelost”, maar uitgesproken.
3. Met wensen van kinderen met betrekking tot plaatsing in een bepaalde groep, wordt zo mogelijk rekening gehouden.
4. Agressief gedrag (gedrag dat als kwetsend wordt ervaren en dat beschadigt) wordt nooit geaccepteerd;

1.3 Omgangsregels
Hieruit volgt een aantal belangrijke regels over hoe we met elkaar omgaan:
a. Spreek anderen correct aan, gebruik de juiste naam;
b. Laat anderen meedoen;
c. Luister goed naar elkaar;
d. Laat ieder in zijn waarde oftewel accepteer dat de ander anders is;
e. Probeer ruzie rustig uit te praten;
f. Help een ander;
g. Kom je er samen niet uit, ga dan naar je mentor of een andere medewerker van de school.

1.4 Aanpak bij pesten of ruzie
De aanpak van ruzies en pestgedrag in een aantal stappen:

Stap 1 Probeer eerst zelf (samen) de ruzie op te lossen door te praten.
Stap 2 Kom je er samen niet uit en blijft de ander jou lastigvallen, ga dan naar je mentor of afdelingsleider (of eventueel naar de contactpersoon).
Stap 3 De mentor praat met beide (of meer) personen en probeert samen met die personen de ruzie op te lossen en (nieuwe) afspraken te maken.
Stap 4 Bij herhaaldelijk ruzie/pestgedrag van een leerling neemt de mentor duidelijk stelling en houdt een bestraffend gesprek. De fasen van bestraffen treden in werking (zie pestprotocol).
Stap 5 Als het pesten verregaand is en de gepeste lichamelijk of geestelijk gevaar oploopt, zal de school de ouders adviseren aangifte te doen bij de politie ofwel zelf de politie inschakelen.

Link naar pestprotocol